Het kinderwensmagazine is een initiatief van Kinderwens Vlaanderen en wil zoveel mogelijk wensouders bijstaan in deze kwetsbare periode van hun leven. Experts en wensouders informeren u en schrijven eerlijke verhalen over bepaalde thema’s rondom de thematiek kinderwens.

Sofie blogt (19)

kalender, teken van wachten

De eerste twee dagen na de pick-up had ik ziekenverlof. Op zich viel de pijn wel mee, maar toch was het goed dat ik thuis was. Ik had namelijk veel last van stress en dus ook van hoofdpijn. Stress rond het resultaat van de bevruchting, maar vooral stress voor het onderzoek dat er op dag vijfzou aankomen.

Op dag vijf was ik me dan ook heel bewust dat het fertiliteitscentrum op dat moment iets ontzettend belangrijks aan het doen was met onze embryootjes. Iets wat misschien wel bepalend kon zijn voor onze kinderwens en dus ook voor onze toekomst. Als uit dat onderzoek zou blijken dat al onze embryo’s genetisch niet in orde waren, zou dat namelijk betekenen dat de kans minimaal zou zijn dat we ooit een kindje zouden krijgen van ons beiden. Ik wilde daar nog niet aan denken en probeerde mezelf dus te overtuigen dat alles wel goed zou komen.

Op dag zes kreeg ik telefoon met de eerste korte informatie. Het was de dienst genetica die belde. Het begon goed. Van de elf eitjes die er geprikt waren, waren er zeven rijp. Die hebben ze dan bevrucht en dat was ook bij alle zeven gelukt. Ze hadden zelfs allemaal dag vijf gehaald. Dat was goed. Want een embryo moest minstens dag vijf halen voordat ze er het genetische onderzoek van konden doen. Maar het nieuws bleef niet positief. Van de zeven die nog leefden op dag vijf, hebben ze bij aanvang van het onderzoek besloten dat er vijf niet voldeden. En van de twee die er nog overbleven, hadden ze twijfels bij eentje en zag het andere er (voorlopig) nog goed uit. Eindconclusie: ze gingen het uitgebreide onderzoek uitvoeren op deze twee embryo’s, maar ze twijfelden aan eentje. Dat onderzoek zou twee weken duren en op 19 mei zou de prof mij dan bellen met de uitgebreide informatie.

Tijdens dit gesprek was ik even van slag. Na de vorige pick-up hadden we vijf hele goede embryo’s en nu maar twee? Misschien zelfs maar eentje? Waarom waren die vijf afgevallen? Zouden die ook zijn afgevallen als we dat onderzoek niet deden? Wordt er anders geoordeeld als ze dit onderzoek gaan doen? Ik zat met heel veel vragen, dus ik stelde die dan ook aan de meneer die me belde. ‘Zouden die vijf wel ingevroren worden als we dit onderzoek niet deden?’ Maar hij begreep mij niet. De meneer was anderstalig en herhaalde nog eens dat die vijf dus niet ingevroren waren. Het was duidelijk dat hij mij niet begreep, dus heb ik niet verder gevraagd. Achteraf gezien was dat heel stom. Want de eerste dagen na het telefoontje heb ik mezelf suf gepiekerd. Iedereen raadde me aan om zelf eens terug te bellen, maar toch besloot ik om te wachten tot 19 mei.

Half mei kwamen mijn maandstonden er dan aan. Dat betekende de start van een nieuwe cyclus en dus ook dat ik de onderzoeken kon plannen ter voorbereiding van een terugplaatsing. Alleen was dat ditmaal wel heel dubbel. Ik moest nog anderhalve week wachten op de resultaten van het genetisch onderzoek. Zou er dus wel een terugplaatsing kunnen doorgaan? Misschien deed ik de bloedafnames en echo’s wel helemaal voor niets? Maar wat was het alternatief? Nog een maand langer wachten? Neen, dat was geen optie. We gingen er opnieuw helemaal voor en ik geloofde er sterk in dat dat ene embryo in orde zou zijn, en dat dit misschien wel eens ons kindje kon zijn!